Nieuws
isolatieglas
Jolanda Tetteroo en Cor Wittekoek

Driekwart van bestaand isolatieglas is ongeschikt voor 1-op-1 hergebruik. Het glas zal altijd ontmanteld moeten worden of aan het glas zal een derde ruit moeten worden toegevoegd om het alsnog een tweede leven te geven. Demontage en opnieuw assembleren van de raambeglazing is echter een kansrijke route naar grootschalige toepassing.

Dat blijkt uit het onderzoek Hergebruikt Isolatieglas van de Hogeschool van Amsterdam (HvA) in samenwerking met de TU Delft en bijna 25 partijen uit de bouwsector. Hieronder een beschrijving van de resultaten en geheel onderaan dit bericht de mogelijkheid een volledig artikel over dit onderwerp te downloaden.

Hergebruikt isolatieglas

Hergebruik van isolatieglas dat vrijkomt bij renovatieprojecten brengt circulair bouwen een stap dichterbij. Dat was een andere belangrijke conclusie van de netwerkbijeenkomst die gisteren plaatsvond en Stadion Galgenwaard. De HvA organiseerde de bijeenkomst, waar zo’n 130 mensen op af waren gekomen, om de onderzoeksresultaten te presenteren. Hergebruikt Isolatieglas is een RAAK-mkb-project. Het project liep vanaf 2021 en hierin werkten onderzoekers, studenten en stakeholders met elkaar samen. De eerste twee waren afkomstig van de groep Circulair Bouwen, verbonden aan de Faculteit Techniek van de HvA. De stakeholders kwamen uit alle geledingen van de bouwwereld: glasproducenten en -leveranciers maar ook bouwfysisch experts en gebouweigenaren. Vlakglas Recycling Nederland (VRN) was een belangrijke stimulator van het onderzoek en ook Vakgroep GLAS was bij het onderzoek betrokken.

Hernieuwbare en secundaire grondstoffen

De middag stond onder leiding van Jolanda Tetteroo, projectleider Hergebruikt isolatieglas bij de HvA. Zij opende de bijeenkomst samen met directeur Cor Wittekoek van VRN. Tetteroo gaf aan dat alleen al in Nederland jaarlijks meer dan 90.000 ton glas uit bouw- en sloopafval vrijkomt. ‘Materiaal waar overwegend weinig hoogwaardigs mee gebeurt. En dat terwijl er de komende jaren in ons land veel bijgebouwd moet worden en de vraag naar duurzame bouwmaterialen stijgt. Belangrijke stimulans is dat de bouw in 2030 voor 50 procent op hernieuwbare en secundaire grondstoffen moet draaien, en in 2050 voor 100 procent. Verder is er wetgeving die reductie van de uitstoot van broeikasgassen en efficiënt gebruik van grondstoffen afdwingt. Door het emissiehandelsrechtensysteem van de EU en een nationale heffing op de emissie van CO2 kost het energie-intensieve bedrijven geld om CO2 uit te stoten. Bovendien moeten grote bedrijven vanaf 2024 jaarlijks een Corporate Sustainability Report publiceren. Hierin moeten ze hun milieu-impact benoemen en beleid formuleren voor hoe ze verder gaan verduurzamen.’

Drie presentaties

Genoeg redenen, aldus Tetteroo, om de mogelijkheden van het hergebruiken van isolatieglas te onderzoeken. Zij introduceerde tijdens de bijeenkomst in Utrecht drie presentaties. Esther Geboes (VU Brussel) ging in op de belangrijkste ontwikkelingen op het gebied van circulair vlakglas. Zij gaf onder meer aan dat de nood hoog is, niet alleen vanuit het oogpunt van duurzaamheid en circulariteit. ‘Het bouwzand raakt op, er zijn al cijfers die aangeven dat er in 2050 geen zand meer is voor de productie van vlakglas.’ Is hergebruikt vlakglas even sterk als nieuw vlakglas? Christian Louter (TU Delft) gaf antwoord op die vraag. Uit de test van 400 samples van 37 jaar oud glas, blijkt dit glas minder sterk dan nieuw glas maar sterk genoeg voor een tweede levensduur. ‘Maar meer onderzoek is nodig om definitieve conclusies te trekken’, aldus Louter.

Bestaand isolatieglas kansrijk

De presentatie van Elke van Nieuwenhuijzen (HvA) gaf de concrete resultaten van het onderzoek Hergebruikt Isolatieglas. In haar presentatie ‘Hoe kansrijk is hergebruik van isolatieglas als totaalpakket?’ vertelde ze over de belangrijkste inzichten na meting van bijna 1000 HR++ ruiten. ‘We hebben onderzocht hoe bestaand dubbelglas te upgraden is naar HR++glas met een U-waarde van 1,0 – 1,2 W/m2K. Dit type glas wordt veel bij renovaties toegepast, maar ook regelmatig bij nieuwbouw. In combinatie met aluminium afstandhouders en een houten kozijn voldoet HR++glas aan de minimumeis in het Bouwbesluit.’ De onderzoekers brachten samen met hun consortiumpartners in kaart welke strategieën mogelijk zijn, en welke kansen er liggen voor opschalen. De strategieën waren te verdelen in vijf hoofdgroepen: hergebruik van het totaalpakket, via direct hergebruik (1) of upgraden van het pakket (2). Demontage van het isolatieglaspakket voor hergebruik van het basisvlakglas – om weer te gebruiken als basisvlakglas (3) of om via een upgrade van basisvlakglas te gebruiken als speciaal vlakglas (4) – en voor hergebruik van speciaal vlakglas (5).

Hergebruik isolatieglas circulair maar onhaalbaar

Hergebruik van het totaalpakket (1) komt qua circulariteit het dichtst bij het ideaalplaatje, maar blijkt in de praktijk lastig te realiseren, benadrukte Van Nieuwenhuijzen. ‘Isolatieglas moet namelijk aan bepaalde kwaliteitseisen voldoen, zowel bij gebruik van nieuw materiaal als bij hergebruik.’ Zo moet HR++glas op het moment van verkoop voor minstens 85 procent gevuld zijn met argongas. Volgens de NEN-EN 1279 bevat het isolatieglas dan 25 jaar lang voldoende argongas. ‘Maar argongas kan door de jaren heen langzaam weglekken uit de spouw. Dus hoe weet je bij oud isolatieglas hoeveel gas er nog in zit? En of de randafdichtingen nog vijfentwintig jaar goed blijven, zodat het gasverlies tot een minimum beperkt blijft? Alleen al deze technische eis maakt opschalen lastig,’ aldus Van Nieuwenhuijzen. Een praktijkstudie naar de raambeglazing in 45 gebouwen bevestigde deze gedachte: slechts de helft van de bijna 1.000 onderzochte ruiten bleek voldoende argongas te bevatten om geschikt te zijn voor hergebruik. Een nog kleiner deel had voldoende argongas én een verwachte restlevensduur van vijftien tot 25 jaar.

Concentratie argongas

De HvA-onderzoekers ontwikkelden voor de praktijkstudie een speciale screeningsmethode. Ze maakten hierbij gebruik van de Sparklike Laser Portable, een apparaat dat aangeeft hoeveel argongas zich nog in de spouw bevindt. Ze achterhaalden ook de leeftijd van het isolatieglas, om een inschatting te maken van de resterende levensduur. ‘Is het raam jonger dan vijftien jaar en weten we dat de argonconcentratie meer dan 85 procent is, dan mag je ervanuit gaan dat de spouw nog minstens tien jaar goed gevuld blijft met argon. Waarschijnlijk slaat hij dan pas na vijfentwintig jaar echt lek,’ legde Van Nieuwenhuijzen uit. De onderzoekers keken ook in hoeverre het mogelijk is het totaalpakket te upgraden (2). Ook deze strategie blijkt gemakkelijker gezegd dan gedaan. Projectpartners La Paloma Glas en Glasindustrie Ben Evers maakten via de upgrade-strategie prototypes: ze voegden een derde glasplaat toe en vulden de spouw met argongas. De isolatiewaarde bleek prima, maar door de oude randafdichting was de levensduur van het pakket lastig in te schatten. ‘Ook bij deze strategie krijg je als fabrikant niet zomaar een CE-markering, omdat kwaliteitsborging lastig is,’ aldus Van Nieuwenhuijzen.

Demonteren en opnieuw assembleren

Kansrijker bleek de strategie met hergebruik van gedemonteerd basisvlakglas voor (gedeeltelijk) circulaire isolatieglaspakketten (3). GSF Glasgroep leverde hierbij een prototype aan met hergebruikt basisvlakglas en nieuw gecoat vlakglas. De isolatie was goed, zo bleek uit metingen door de HvA-onderzoekers. Inmiddels heeft GSF, met ondersteuning van projectpartner Hemubo Almere, dit 50 procent circulaire HR++glas verder ontwikkeld. Sinds 2022 is het als IsoMax op de markt. ‘Je kunt 50 procent circulair vlakglas tegenwoordig bij GSF Glasgroep kopen,’ vertelde Van Nieuwenhuijzen. Projectpartner GP Groot, sloopbedrijf gespecialiseerd in circulair slopen, levert hiervoor het basisvlakglas aan. Interessant is verder dat glasbedrijf Ben Evers, eveneens partner in dit project, samen met een aannemer en glaszetter 50 procent circulair glas gaat plaatsen in vijf demowoningen van twee woningstichtingen. Ook de glasbedrijven La Paloma en Hermans Glas/Jargo Glas zijn een proces aan het inrichten rond circulair glas.’

Andere routes met perspectief

Al deze partijen kwamen aan het eind van de bijeenkomst aan het woord. Tijdens een afsluitend panelgesprek gaven zes glasbedrijven, een circulaire sloper, een bouwbedrijf gespecialiseerd in onderhoud & renovatie en twee vastgoedeigenaren een kijkje in hun keuken. Ook hier alom enthousiasme over de mogelijkheden van hernieuwd inzet van isolatieglas, zoals ook blijkt uit een eerder artikel in Glas in Beeld over dit onderwerp. Uit de discussie bleek dat ook twee andere routes toekomstperspectief bieden. Hierbij krijgt basisvlakglas een upgrade naar speciaal vlakglas of speciaal vlakglas is het vertrekpunt voor hergebruik. Zo wist projectpartner Velux gebruikt vlakglas te lamineren en te harden. Het bedrijf maakte hiermee prototypes voor circulaire dakbeglazing. GSF en Hermans Glas/Jargo Glas maakten prototypes met zowel hergebruikt basisvlakglas als hergebruikt low-E gecoat glas. De gemeten U-waardes van de prototypes voldoen aan de criteria die gelden voor HR++glas. GSF maakte ook prototypes met basisvlakglas en een low-e folie, maar dit biedt weinig perspectief. Die bleken te weinig te isoleren, door de matige kwaliteit van de folie.

Onderzoek naar kwaliteit

De strategieën voor het upgraden van oud basisvlakglas naar speciaal vlakglas en het hergebruiken van gecoat vlakglas vragen volgens Van Nieuwenhuijzen nader onderzoek. ‘We weten niet hoe we het productie- of selectieproces van circulair speciaal glas precies moeten inrichten om te zorgen voor voldoende kwaliteit. Hoe zit het bijvoorbeeld met de hechting van gelamineerd glas bij gebruik van oud glas? In hoeverre voldoet gehard gebruikt glas aan de karakteristieke ontwerpsterkte van gehard glas? En hoe meet je snel en efficiënt de kwaliteit van gebruikt gecoat glas.’ De HvA maakt om die reden ook al plannen voor vervolgstudies met zowel bestaande als nieuwe consortiumpartners. De onderzoekers roepen bedrijven in de bouwsector op om mee te denken over de invulling hiervan, en over hoe om te gaan met de wisselende kwaliteit van vlakglas dat vrijkomt uit gebouwen. Dagvoorzitter Tetteroo: ‘Nederland is koploper in hoogwaardig circulair glasgebruik, maar we hebben de hele sector nodig om verschillende strategieën breed toepasbaar te maken. Onze consortiumpartners hebben alvast een mooie stap gezet. Laten we er samen snel meer gaan zetten.’

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.