Nieuws
zonwerend glas

Tegenwoordig kiezen ontwerpers en BENG-rekenaars graag voor zonwerend glas omdat die zo goed scoort in de BENG. ‘Maar daarmee slaan ze voor de gebruikers en de toekomst van het gebouw in een fossielvrije wereld meestal compleet de plank mis.’ Dat zegt Clarence Rose, voorzitter van Kennisinstituut Kern. Een toekomstgericht energetisch ontwerp vereist volgens Rose een integrale kijk en aandacht op het energetisch functioneren van het gebouw. Dit in alle seizoenen en met name in de winter. Rekenen met de BENG is daarbij niet voldoende.

De tijd van kantoren met spiegelende glasgevels ligt achter ons. Maar aan deze gebouwen is goed te zien wat het glas doet: de zon weren en daarmee de warmte buiten houden. Aan hedendaags zonwerend glas is deze comfortverhogende functie nauwelijks meer te zien: het glas is neutraal zonwerend. De techniek van het coaten van het glas is zover dat de metalen op het glas minimaal reflecteren en dus zo goed als neutraal van kleur zijn.

Zonwerend glas benutten

Het via de ramen naar binnen komen van zonlicht ervaren we als prettig. Het is, omdat we 90 procent van onze tijd binnen doorbrengen, van groot belang voor onze gezondheid. Maar als er te veel zon binnenkomt, wordt het te warm. Dat is niet comfortabel en leidt ertoe dat mensen minder productief zijn. In woningen besparen we energie door de warmte van de zon te benutten maar kantoren vragen veel meer energie voor koeling dan voor verwarming. Het gebruik van zonwerend glas bespaart enorm op het elektriciteitsverbruik. Op jaarbasis kan dat oplopen tot 25.000 kWh per 1.000 vierkante meter vloeroppervlak. Dat is het elektriciteitsgebruik van zeven huishoudens.

BENG laat sporen achter

KERN, Kennisinstituut Energetische Renovatie en Nieuwbouw, ontsluit de wetenschap op het vlak van bouwfysica, bouwstoffen en energiesystemen voor toepassing in de bouwpraktijk. Door de interdisciplinaire benadering in haar cursussen draagt KERN bij aan de integrale kwaliteit van gebouwen. Hoe het met BENG toch mis kan gaan legt Clarence Rose uit op de site van Bouwwereld.

Ze begint haar artikel aldus. ‘BENG laat zijn sporen achter in de ontwerpen die tegenwoordig op mijn bureau belanden voor nader advies. Sporen van het energiebeleid dat de ontwerpbeslissingen bepaalt. Ik zou hier uit kunnen halen over dat de BENG blijkbaar nog steeds niet als vangneteis met minimale kwaliteitseisen wordt gezien maar als richtlijn voor goed en betaalbaar bouwen. En daardoor de BENG-berekening als ontwerptool wordt toegepast. En dat de gebouwen (nog net zo als bij de EPG) daarmee dus exact langs de minimale grens van de wet heen blijven schuren. En dat dit wederom leidt tot onnodige afhankelijkheid van externe energielevering in de winter en dus bijvoorbeeld hoge gebruikskosten. Maar ik zal me in dit artikel beperken tot één bijna onzichtbaar, detail: de effecten van de beglazingskeuze op de BENG enerzijds en op de werkelijke energiebalans anderzijds. Want het soort glas lijkt een futiliteit, maar is het niet.’

Lees verder op de site van Bouwwereld.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Glas in Beeld: professioneel, technisch & inspirerend

Volg de ontwikkelingen in de glasbranche op het gebied van gebruik van vlakglas zoals: brandwerend-, energiebesparend- en veiligheidsglas.

Abonneer nu en ontvang 6 keer per jaar het vakblad Glas in Beeld.