De rijksoverheid past de ISDE-regeling aan. Met name voor glas zijn de consequenties van deze aanpassingen groot. Je kunt volgens de sector spreken van een substantiële versobering van de regeling.
Het nieuwe minderheidskabinet onderschrijft de klimaatdoelstellingen. Ze zal tot en met 2030 middelen blijven toekennen aan de ISDE-subsidieregeling om verduurzaming te stimuleren. Eventuele aanvullende budgetten voor verdere verduurzaming zullen echter onderwerp zijn van onderhandelingen met oppositiepartijen. Hoewel de ISDE-regeling formeel doorloopt tot 2030, brengt het kabinet de beschikbare financiële middelen aanzienlijk terug. Dit heeft directe gevolgen voor de regeling, met name voor onze sector:
- 2026: € 501 miljoen
- 2027: € 499 miljoen
- 2028: € 473 miljoen
- 2029: € 420 miljoen
- 2030: € 347 miljoen
Impact op speelveld sector
Deze versobering heeft een duidelijke impact op het speelveld van de glassector. Recentelijk is de meldcodelijst vereenvoudigd, waarbij is gekozen voor één meldcode per producent/leverancier. In de huidige opzet geldt:
- één meldcode voor isolerend dubbel glas (Ug < 1,2 W/m²K)
- één meldcode voor isolerend triple glas en vacuum glas
- Monumentenglas: Ug ≤ 2.0 W/m²K

Daarnaast is er binnen de ISDE ook een subsidieregeling voor Monumentenglas (glas in monumentale woningen) waarvoor ook één Meldcode per producent/leverancier bestaat. Het subsidiebedrag hiervoor is € 46/m2 voor dubbel glas en EUR 111/m2 voor triple glas en vacuümglas. Bij triple glas en vacuümglas moet je de kozijnen vervangen om in aanmerking te komen voor subsidie. Hierdoor vervalt de differentiatie binnen de isolerende glasproducten. Daarnaast geldt dat de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) hogere subsidiebedragen voor triple glas en vacuümglas uitsluitend toekent in combinatie met nieuwe kozijnen/ramen.
Versobering ISDE-regeling
Met name voor glas zijn de consequenties van deze aanpassingen groot en kan worden gesproken van een substantiële versobering van de regeling. Door glas binnen één categorie te plaatsen, ontbreekt de prikkel om te kiezen voor de beter isolerende oplossingen. In de praktijk zal dit naar verwachting leiden tot een voorkeur voor het meest laagdrempelige en kostenefficiënte alternatief, zijnde standaard HR++ glas.
De sector pleit voor het behoud van een onderverdeling tussen de drie glassoorten HR++, triple en vacuüm isolatieglas. Ook is het voorstel om de subsidie te koppelen aan de U-waarde, zodat een lagere U-waarde (betere isolatie) ook daadwerkelijk hoger wordt beloond. Dit standpunt kan rekenen op bijval. Bovendien lijkt het erop dat bij de RVO nog twijfels bestaan over de doorvoering van de voorgestelde wijzingen en invulling ervan. Op korte termijn wordt een nieuwe online consultatieronde vanuit de ISDE-werkgroep opgezet. Dit biedt de sector de gelegenheid om z’n input verder aan te scherpen en nadrukkelijk te pleiten voor het behoud van de drie categorieën binnen glas.




